Fiji Coral Coast

Elke dag probeer ik een bijdrage voor dit journaal te schrijven, maar tijdens deze reis lukt het lang niet elke dag om die bijdrage te plaatsen, soms is er geen internet verbinding. En al is er wel een verbinding; het is nog niet 1 keer voorgekomen dat het een kwestie is van aansluiten en hup, internetten maar. Ook niet in de meest luxe hotels. Er is altijd wel iets of niet goed ingesteld, of een verkeerde code verstrekt, of ergens iets niet aangesloten, of een zekering kapot, of een setting bij de provider verkeerd, of geen stroom, of een haperende DNS server of de server die “er uit ligt”, en ga zo maar door. Soms komt er dan een IT medewerker van het hotel in je kamer of hut die daar dan – telefonisch in verbinding met iemand van de provider,- 2 a 3 uur bezig is om de zaak op te lossen. Soms krijg je net zo vaak een andere toegangscode tot er eentje werkt. Tot nu toe heeft de fout overigens niet 1 keer bij ons gezeten. Kortom: daarom verschijnen soms stukjes nu pas in het journaal, terwijl ze dagenlang daarvoor al geschreven zijn. 

Donderdagmiddag 26 feb en vrijdag 27 feb 2009  

Donderdagmiddag reden van Nadi op het hoofd Fiji eiland Vitu Levu, waar we waren geland, naar ons resort aan de Coral Coast. We zouden hier 4 nachten verblijven, maar door een wijziging in het programma werden dit er twee. We gingen eerder en langer met een Shipcruise in plaats van een zeilcruise, waar alleen wij voor geboekt hadden, en die daarom niet doorging. Op het vliegveld maakten we daar nog problemen over, maar alles werd door de mensen van het lokale reisbureau naar onze tevredenheid opgelost.   

Onder : Hier een Fijidorp , zoals je dat onderweg op het platteland op de eilanden tegenkomt; dit is niet een voor toeristen opgezette scene, maar de harde werkelijkheid, die ik terplekke zelf gefotografeerd heb. De mensen op het platteland, buiten de “grote steden” als Suva en Nadi, hebben geen stroom, geen stromend water, geen riolering en geen enkel ander comfort; ze leven in en van de natuur.

Nieuw Zeeland is als een paradijs heb ik al vaak geschreven; niet alleen voor toeristen, maar ook voor de bewoners! Toen we vanaf het Fiji vliegveld in Nadi op het eiland Viti Levu naar ons resort aan de Coral Coast reden ( ruim 1 uur rijden) merkten we dat dit niet het geval is op de Fiji eilanden. We zagen op Viti Levu (het grootste van de 333 Fiji eilanden)  onderweg veel armoede, krottenhuisjes en overgebleven ravage na de overstromingen van December j.l De bewoners beweren dat die ontstonden door de slechte rioleringen. Fiji is een land met een militair regime, waar om de haverklap een coupe wordt gepleegd. Toen we in ons resort arriveerden puilden onze ogen echter uit. Zoveel luxe en comfort kom je zelden tegen. Het resort was in traditionele Fiji stijl gebouwd. Hutten met rieten daken, Bures genoemd in een soort van dorpje bij elkaar. Wij sliepen in een Beach Bure, van binnen is helemaal niets te merken van de Fiji-aanse eenvoud.

Onder: Onze luxe kamer, met perfect werkende airco, alles uitgevoerd in Fiji achtige stijl in ons resort aan de Coral Coast, aan de zuidwest kust van Viti Levu ; het grootste van de 333 Fiji eilanden; als je net 6 weken rondreizen een campervan gewend bent, voelt dit letterlijk en figuurlijk als een warm bad om je heen. 

Onder: We waren echt verbaasd over de werkelijk zeer fraaie bouw van het Fiji dorp en de inrichting van de onze Bure; om jullie lezers een indruk van zo’n kamer te geven, hier wat foto’s die ik maakte vanuit verschillende hoeken. Linksonder de badkamer, en in het midden de drankjes die elke avond voor het slapen gaan (om 10 uur slaapt het hele dorp) in de kamer gebracht werden. Gasten worden hier werkelijk in de watten gelegd! En wederom waarde vrienden; ook de Fiji dollar staat heel laag t.o.v onze euro, dus is alles voor ons hier ook echt spotgoedkoop. Ik ga toch eens minder afgeven op die euro.

Onder: Als je in Fiji aankomt ben je meteen in een andere wereld. Het is er tropisch, dus heeeeeel warm, overdag in deze zomerperiode overdag rond 40 graden en ’s avonds rond 32 a 33 graden Celsius, en altijd heel erg vochtig en klam. Ook kan het er kortstondig elke dag even regenen, de hel breekt dan los, maar een kwartier later is er weer een blue sky met 40 graden. Europeanen kom je hier zelden tegen, Fiji is een vakantiebestemming voor Japanners en voor de Australiers en Nieuw Zeelanders die er met het vliegtuig 3 uur over doen. De Fiji-janen zijn trots op hun land; hoewel ze er 200 jaar geleden nog koppen snelden, hebben ze er nu een nationale sport van gemaakt om hun gasten abnormaal te verwennen, daarbij zijn ze uiterst vriendelijk, en galant. Iedereen roept overal Bula tegen je, hetgeen welkom of hallo betekent. Wij antwoorden dan met de overtreffende trap: Bula Bula !

Onder: De Fiji-anen zijn mooie mensen, zeer gastvrij, en dragen vaak, ook mannen , een bloem achter het oor. Wij liepen zelf soms ook even met die versiering rond. We werden een aantal malen verwelkomd met een bloemenkrans of ketting

Onder: De Beach Bures, prachtig aan het strand gelegen, het kan beroerder vrienden!!!!!

Onder: Welke gek duikt hier nu van dit bruggetje af, een wisse nekbreuk tegemoet ?

Onder: Werkelijk alle gebouwen zijn in de oorspronkelijke Fiji -stijl gebouwd, en dat geeft toch een bijzonder sfeer aan het geheel. Zoals hieronder het Italiaanse restaurant van het hotel, waar we de eerste avond meteen een heerlijke pizza aten, met Nieuw Zeelandse wijn, want we zochten ons suf, maar vonden geen Fiji-aanse wijn.

Onder: Omgeven door grote tuinen vol met prachtige tropische planten  en bloemen is het zwembad aangelegd; het is alleen al een feest om hier gewoon rond te lopen.

Mount Cook en het inleveren van de campervan in Christchurch

Toen woensdagmorgen om 7 uur het warme zonnetje tussen de gordijntjes van onze campervan door priemde wist ik dat we vandaag de Mount Cook van dichtbij zouden zien. Onze laatste kans, want s’ middags moest de campervan ingeleverd worden in Christchurch, nog zo’n 3 uur rijden van Lake Tekapo waar we nog immer verbleven. Door omstandigheden werd het geen heliflight maar een vlucht  met een nieuw Australisch vliegtuig met speciale heldere en ontspiegelde raampjes. Met een: “Goodmorning on this glorious day” begroette de ervaren piloot Chris ons, toen hij ons aan boord bracht.

We hebben in de voorbereiding van deze reis veel over de Mount Cook  – met zijn 3750 mtr de hoogste berg van Nieuw Zeeland -, en de ernaast gelegen bijna net zo hoge Mount Tasman gelezen en gehoord. Vanaf deze  twee bergreuzen die het hele Nieuw Zeelandse Alpengebied overheersen, stromen meerdere “ijsrivieren” naar beneden, waaronder de befaamde Tasman, – Franz Josef,-  en Fox gletsjers. Vele bergbeklimmers zijn beroemd geworden door het met succes beklimmen van de Mnt Cook , zoals Edmund Hillary, maar ook zijn helaas velen op,- en door de berg verongelukt, en zelfs geheel verzwolgen. In de vele boeken die er over geschreven zijn wordt de Mnt Cook ook wel de “Killer Mountain” genoemd. 

Onder: Woensdagmorgen om 11 uur, juist voor vertrek voor onze vlucht langs de top van de Mount Cook, voor het splinternieuwe vliegtuig van Australische makelij; een zespitter, turbo uitgevoerd. We hadden ons veel van het Mount Cook tripje voorgesteld, maar onze stoutste verwachtingen werden ruimschoots overtroffen, wat was dit een belevenis.  

Onder: Er was hier en daar nog wat bewolking, maar het was zeer helder en verder uitstekend vliegweer. Vanaf de zuidpunt van Lake Tekapo,  achter op de foto,vlogen we naar de monding van de Godley rivier in Lake Tekapo; dat in de loop van miljoenen jaren door de Godley Gletsjer uitgecarved is. Achterom kijkend zagen we dit tafereeltje

 

Onder: We zijn inmiddels langs de Godley Gletsjer omhoog gevlogen en kijken hier achterom naar beneden , naar het meertje met afgebroken ijsblokken. Zoals te zien krijgt hogerop de door vervuiling zwart en grijs geworden ijsmassa weer zijn wit blauwe ijskleur. Goed te zien is het diepe dal dat de gletsjer in miljoenen jaren heeft uitgesleten in de rotsmassa’s.   

 Onder: Bij het zien van dit plaatje kreeg ik bijna een brok in mijn keel. Chris , onze piloot maakte ons attent op de bergbeklimmers  – bij het zwarte pijltje – We waren doorgedrongen in een voor de mens vijandige wereld, die alleen toegankelijk is voor waaghalzen, en we waren getuige van live-beelden die je eigenlijk alleen op TV ziet, van de mens die zijn grenzen opzoekt, en daarbij desnoods ten koste van zijn eigen leven de absolute limiet; “de sky”; probeert te bereiken, en wij vlogen daarnaast. Op de 2de foto en 3de foto hieronder opnames die ik maakte met m’n telelens maakte toen we dichterbij ze vlogen.

Onder: Een telelens opname van de klimmers van de foto hierboven. Op deze foto is goed te zien hoe verraderlijk het landschap is waar ze zich in begeven.De sneeuwridge waar ze overheen lopen hangt over en kan dus onder hun gewicht instorten. Volgens onze piloot zijn ze zich echter bewust van dit gevaar

Onder: Dit is het punt waar de Murchison,- en de Abel Tasman Gletsjer bij elkaar komen

Onder: Hier rechts de Mount Tasman en links, de allerhoogste, de Mount Cook, nu nog op enige afstand, maar een paar ogenblikken later vlogen we er rakelings langs.

Onder: Vliegtuigjes met skies als landingsgestel landden onder ons op grote hoogte. Zij vervoeren passagiers die net als wij  de Mount Cook willen zien en daarbij een sneeuwlanding maken. Ze zijn daarbij  5 a 10 minuten op een maagdelijk witte sneeuwvlakte; een sensationeel gevoel dat wij eerder hadden op het plateau tussen de Franz Josef,- en de Fox Gletsjer. De sporen van dit kortstondige verblijf in de verse sneeuw zijn op onderstaande foto goed te zien. Sommigen schreven zoals op de foto te lezen, zelfs hun naam in de maagdelijke sneeuw 

Onder: Nu vlogen we op een paar honderd meter afstand langs de top van de  befaamde Mount Cook, behaaglijk, in een verwarmd vliegtuig met mooi weer. Voor velen was dit echter een onbereikbare hel, weliswaar een tot ieders verbeelding sprekend sprookjesachtig landschap, maar soms zo wreed, dat het aan heel velen het leven kostte.

Onder: Dit is de Abel Tasman rivier die uiteindelijk in Lake Pukaki (L) uitmondt, zoals te zien; het rotsweggetje erboven reden wij de afgelopen zondag met Alan in zijn 4WD. Dit is het nog begaanbare stukje daar van.

Onder: Na dit machtige avontuur gingen we nog even met Chris, de ervaren vliegrot die elk rotsje op zijn duimpje kent, op de foto; het was ons laatste wapenfeit in Nieuw Zeeland. restte nog de rit naar Christchurch, waar we diezelfde middag nog onze trouwe campervan inleverden

Na deze fantastische ervaring reden we in prachtig weer naar Christchurch waar we net op tijd de campervan inleverden. Met een taxi reden we naar ons hotel in het centrum van deze gezellige stad, want de volgende ochtend zou de dezelfde taxi ons naar het vliegveld in Christchurch brengen voor onze vlucht naar Auckland op het Noordereiland. Daar wachtte de aansluitende vlucht van 3 uur naar Nadi op de Fiji Eilanden. Op het vliegveld van Auckland kwamen we op de valreep nog Ad en Tineke tegen uit Heiloo, – wij vinden nu niets meer toevallig – die voor een paar dagen naar Langkawi in Maleisie vertrokken. Tijdens de bak koffie die we gezamenlijk nog dronken waren we het er over eens: Nieuw Zeeland is een paradijs.

S’ avonds praatten we in een leuk restaurant in de binnenstad met – nu al-, enige weemoed nog lang na over deze onwaarschijnlijk mooie trip. Wat hebben we genoten tijdens die bijna 6000 kilometer die we met ons bakbeest door dit fantasische mooie land reden, en gelukkig zonder een enkel schrammetje of krasje konden afsluiten. We zullen Nieuw Zeeland nooit meer vergeten.

Onder: Van Auckland vlogen we donderdagmiddag naar Nadi op de Fiji eilanden – 3 uur en 2100 kilometer verder op onze tocht de wereld rond,- afgelegen in de Stille Oceaan. Toen we uit het vliegtuig stapten vielen we als het ware tegen een deken van warmte en vochtige lucht aan. The Tropics !! Daar hoort natuurlijk ook bij dat we met Aloha muziek ingehaald werden op het vliegveld. Afzien manne……zeiden we bij BZN dan altijd.